Zondag 18 april 2021

Overweging Lucas 24, 35-48

Ik zie in het gebeuren van het evangelie vandaag het ingewijd worden van Jezus’ leerlingen in het geheim van de Messias en de zending van de leerlingen om vandaaruit de wereld in te gaan. Dus Inwijding en zending.

Allereerst inwijding. Daarbij speelt het vertellen en de stemming waarin de leerlingen zijn een belangrijke rol. Er wordt in hoofdstuk 24 van het evangelie van Lucas voortdurend verteld.

Wat is vertellen? Mensen deelgenoot maken van je ervaring, je hoopt dat de ander voelt en begrijpt, wat jij hebt meegemaakt. Maar wie is het die vertelt? Dat maakt verschil. Als Maria Magdalena en andere vrouwen vroeg in de morgen terugkeren van het lege graf en vertellen dat Jezus verrezen is, worden ze niet geloofd. Ook de leerlingen op weg naar Emmaus geloofden de vrouwen niet en stijfden elkaar al vertellend in de overtuiging dat Jezus dood en mislukt was. Maar teruggekeerd van Emmaus spreken ze heel anders, omdat ze niet zichzelf, maar Jezus hebben horen vertellen, hartverwarmend, hoopvol. Jezus zelf was het die de levensloop van de Messias uittekent volgens de Schriften. Daarbij nog zagen ze een heel concreet kenmerk: hoe Hij het brood, de matses, brak zoals op de vooravond van zijn lijden.

In het vertellen van de teruggekeerde leerlingen komt Jezus zelf weer in het midden bij de leerlingen. Hoewel Hij het zelf is, kan hij echter niet binnenkomen in hun concreet aanvoelen van wat werkelijk is. Allerlei hindernissen doen zich voor: ze menen een geest te zien; maar ook vreugde en verbazing.

Hij moet hen overtuigen van zijn concrete lijflijke aanwezigheid. Daarna wil Hij hen inwijden in zijn geheim. hun geest openen. Uit zichzelf maken de leerlingen dus hun geest niet toegankelijk voor de aanwezigheid van Jezus en niet voor de Schriften. Wat doet Jezus dan?

Hij duidt de Schriften als een ruimte die lang heeft leeg gestaan, een ruimte die om vervulling vraagt. Er moest een gestalte binnenkomen in die ruimte om hem te vervullen. De Schriften moeten die gestalte omkleden, dat is de Messias.

Voorheen zagen de leerlingen van Jezus de Schriften nog niet open gebeuren. Niet de naamsopenbaring van God die in Jezus als de Heer opgaat. Ook niet hoe de lijdende knecht van de Heer en het Nieuwe Verbond waarover in de Profeten geschreven was, zich openen met Hem, noch de stem van de psalmen die weerklinkt in Jezus, de zoon van David . Hij, die na het jammerlijk verval van zijn volk na drie dagen opstaat zoals Hosea het laat horen. Hij, die de levende zelf is.

Nu is Hij al openbarend zijn leerlingen aan het inwijden. D.w.z. Hij opent voor hen de levende ruimte van Schriften waar zij in binnengaan met geopende geest. Hij geeft de beslissende uitleg en vertolking van de Schriften en bewerkt de gehele opening van hun verstand om te begrijpen.

Dan zijn de leerlingen klaar voor hun zending om afgevaardigde en vertegenwoordiger te worden van Jezus in de volkeren en daar zijn getuige te zijn. Zending om getuigen te zijn bij alle volken.
Vandaag zijn wij deelgenoot van hun getuigenis. Het is meer dan een verhaal. Hij is aanwezig in het midden van ons die ons verbinden met dit getuigenis bij het breken van het brood.

Paul Reehuis O.Carm.