Gods aanwezigheid


In de traditie van de Karmel is men altijd bezig geweest met het geloof, dat God aanwezig is en wil zijn in ons leven. Dat is onze meest centrale waarde. Daaromheen beweegt zich onze spiritualiteit.
Eigenlijk is dat een heel actuele waarde, want ze vormt een tegenbeweging tegen de overtuiging die momenteel gangbaar is in onze cultuur, – dat onze maatschappij maakbaar zou zijn. De mens zou alles zelf kunnen en kennen. God en Zijn werking doen er in zo’n klimaat niet zoveel meer toe.
Wij vinden het belangrijk, dat mensen gevoel blijven houden voor de wonderlijke werking van God en voor het mysterie van God dat zich aandient in iedere mens en in alles wat is. In de geboorte van een kind, in de schoonheid van de natuur, maar ook in het lijden dat we allemaal tegenkomen, kunnen we ervaren dat de mens zichzelf niet genoeg is. Wij geloven, dat er een God is, die aanwezig wil zijn bij ons mensen. Vanaf het allereerste begin heeft die God ons ervan bewust gemaakt, dat we kwetsbare mensen zijn; maar in Zijn ogen hebben we ook een onvoorwaardelijke waardigheid; wij zijn samen met God verantwoordelijk voor het behoud van de schepping.
Een karmeliet die heeft laten zien, hoe belangrijk deze waarde is, was Titus Brandsma. Hij verzette zich tegen de nazi’s, omdat zij de menselijke waardigheid aan hun laars lapten. En tot het laatste toe, tot in het kamp van Dachau, liet Titus zien wat het betekent om vast te houden aan Gods aanwezigheid in ons leven.

Gebed

Een andere belangrijke waarde is die van het gebed. Wij komen in onze gemeenschappen enkele keren per dag bijeen om samen te bidden. De bedoeling daarvan is om het besef van Gods aanwezigheid levend te houden en ons te laten beïnvloeden door Hem.

Gemeenschap

De gemeenschap neemt in ons leven van alledag een belangrijke plaats in. Dat krijgt op twee manieren vorm. Wat we hebben en zijn stellen we ter beschikking aan de gemeenschap. Het is de bedoeling dat wij geen dingen, geld en goederen, voor onszelf houden. En ook de talenten die ieder heeft, proberen we dienstbaar te maken aan de gemeenschap. De achtergrond daarvan is, dat we ons steeds opnieuw bewust willen blijven, dat niets van onszelf is, maar dat we alles gekregen hebben van God.
De gemeenschap is van de andere kant ook belangrijk, omdat zij de plicht heeft te zorgen voor ieder individueel. Wij kennen niet het principe van gelijke monniken, gelijke kappen. Ieder heeft een eigen leefruimte, en er wordt echt rekening gehouden met ieders levensbehoeften en leeftijd. Een ouder iemand heeft andere dingen nodig dan een jongere… De achtergrond hiervan is, dat ieder mag weten dat hij er mag zijn in dit leven, dat het leven hem of haar gegund wordt door God. Dat is ook de betekenis van de godsnaam: Jahwe kun je vertalen met Wezer, wat een uitnodiging inhoudt: jij mag er zijn…

Stilte

Wij proberen in onze communiteiten een sfeer van stilte te bewaren. De bedoeling daarvan is, dat we ruimte open houden voor het mysterie van God. Bovendien confronteert stilte je met wie je eigenlijk bent. Wie stil kan zijn, leert de diepere bewegingen van de ziel kennen, zowel de positieve als de negatieve. Het is van belang die binnenkant van je ziel te leren kennen.

Gerechtigheid

Onze orde heeft altijd een traditie gekend van zorg voor de armen en de zwakken in onze samenleving. Wij zijn vanuit Nederland naar Brazilië, Indonesië en de Filippijnen getrokken om daar nieuwe Karmels op te richten. En steeds was daarbij een belangrijk aandachtspunt de zorg voor de armsten. Op die manier proberen wij gestalte te geven aan de gerechtigheid waartoe o.a. de profeet Elia ons oproept. Hij heeft in zijn tijd hard gevochten tegen de uitbuiting door het regime van koning Achab en koningin Isebel. Van hem leren we dat God een God van levenden is, niet van doden.